Op de overgang van de slokdarm naar de maag zit een afsluiting die voedselbrij en maagsap in de maag houdt. Werkt die niet betrouwbaar, dan komt zure maaginhoud steeds weer omhoog. Kenmerkend zijn brandend maagzuur, een branderig gevoel achter het borstbeen, en zure oprispingen, vaak na het eten of bij het liggen. Sommige mensen merken eerder hoesten, heesheid of druk bij het slikken. Van refluxziekte spreekt men als de klachten het dagelijks leven merkbaar belasten of als het slijmvlies beschadigd raakt.
Vaak zit er een middenrifbreuk achter, in vaktaal hiatus hernia. De slokdarm loopt door een opening in het middenrif, de hiatus, naar de buikholte. Wordt deze opening wijder, dan glijdt de maagingang een stukje omhoog de borstholte in en verliest de afsluiting de steun van het middenrif. Minder vaak schuift een deel van de maag naast de slokdarm omhoog, in het uiterste geval bijna de hele maag. Zulke grote breuken veroorzaken vaak druk na het eten, een vol gevoel of slikklachten.
Meestal wordt eerst begonnen met algemene maatregelen en maagzuurremmende medicijnen. Bij overgewicht kan afvallen veel uitmaken; bij klachten ’s nachts helpen een verhoogd hoofdeinde van het bed en het vermijden van late maaltijden. Een operatie komt volgens de huidige richtlijn in aanmerking als de reflux al lang is aangetoond, als er complicaties zijn zoals een ernstige ontsteking of een vernauwing, of als medicijnen niet worden verdragen of onvoldoende helpen. Grote breuken naast de slokdarm die klachten geven, moeten worden geopereerd.
Er wordt in de regel geopereerd via een kijkoperatie. Het omhooggeschoven deel van de maag wordt teruggeplaatst in de buik en de verwijde opening in het middenrif wordt met hechtingen vernauwd: de hiatoplastiek. Daarna wordt het bovenste deel van de maag als een manchet om het uiteinde van de slokdarm gelegd: de fundoplicatie, helemaal rondom volgens Nissen of voor ongeveer driekwart volgens Toupet. Welke vorm het best past, hangt ook af van hoe krachtig de slokdarm samentrekt.